Gryts§

Server, joehoe!

Wat u misschien wel gemerkt heeft de laatste tijd, is dat bloodyhell.nl het soms gewoon niet doet. Dat komt zo: de luitjes van Vevida zijn aan het verhuizen en daarom is onze server gay. Daar passen wij ons graag op aan.
Dus daarom speciaal voor onze server:

Bob RoseGaultier Village People!Emil Trannythe Bold and the Beautiful

Bonus: de gallery van leernichtenfestival Mr. Reno Leather 2003! Wie biedt er meer?

Lotte§

Zoek, en gij zult vinden!

Sinds enige tijd ben ik de trotse eigenaar van een Canon EOS 300D camera. Ik fotografeer alles wat los en vast zit en zet zonder schaamte iedereen in mijn omgeving op de foto, of ze dat nu willen of niet. Je kunt niet aan mij en mijn camera ontkomen. Waar ik ben, is mijn camera ook. Mijn kindje, vastgelijmd aan mijn hand en oog. Een nieuwe passie.

Vanmiddag in de trein vroeg ik me af waar mijn zoomlens eigenlijk was. Ik had 'm al een flinke tijd niet meer gezien. Hij zou wel in de doos zitten, en anders in mijn ladenkast. Eenmaal thuis bij mijn ouders, na het avondmaal en tijd verprutsen achter de pc ging ik zoeken. Niet in de doos, en ook niet in de ladenkast. Niet eronder, niet erop, niet in de andere kasten. Niet in de boekenkamer, niet op zolder. W‡‡r is dat ding? Ik lichtte mijn ouders in. Mijn moeder kwam zich er mee bemoeien en we gingen mijn hele slaapkamer af. Ik kroop onder het bed met een zaklamp, zij stond op een stoel alle kasten af te zoeken. Mijn vader keerde inmiddels alle kasten en dozen in de computerkamer om. Ik ging de kelder in. Ik zocht in mijn kleerkast, tussen mijn schoenen (tja), in de badkamer, in al mijn tassen, in alle hoeken en gaten. Godverdegodverteringtyfustakkekutzooi! Die dingen kosten los in de winkel hartstikke veel geld! Inmiddels zocht mijn vriend in Tilburg ook alles af naar de (godverdomde) zoomlens. "Zwart is 'ie, met een schroefdop, en een mooi schuifje om de lens te beschermen tegen stof en krassen. Ongeveer z— groot."

Anderhalfuur later hadden we het complete huis omgekeerd, de Heilige Antonius had bijna aangifte van stalking gedaan, en ik was klaar iedereen die ik ken van diefstal te beschuldigen. Na tien minuten even rustig te zitten en goed na te denken kwam het ineens tot me;

Ik heb helemaal geen zoomlens.

Gryts§

Rustdag

En zo heb ik gister de wastafel schoongemaakt, en ook het bad, checkte ik zeven keer per uur mijn mail, keek ik Beau & Linda, chatte ik met de halve mensheid, sloopte ik de bank, legde ik nog een kleine hand aan de nieuwe lay (ja) en ging ik op mijn knietjes door de hele keuken om de witte linoleum vloer (wie verzint het) schoon te maken.

Ja, het gaat erg goed met mijn studie.

Gryts§

Kalm aan en rap een beetje

Nog maar vier weken met mijn nieuwe studie bezig en dan nu al achterlopen. Applaus voor mezelf. Dikke boeken en stapels secundaire literatuur, die in rap tempo moeten worden doorgewerkt, het is een grote klus. En het komt er gewoon niet zo van bij mij.

Vandaag, zaterdag, bijvoorbeeld. Gisteren had ik me voorgenomen om vandaag een slag te slaan, qua leeswerk, omdat ik het dan gisteren niet hoefde te doen. Zaterdag vind ik dat ik uit moet slapen (niet alleen omdat ik gister en eergister ben uitgeweest, maar ook for zaterdag's sake). Lekker lang blijven liggen lezen, want ik ben nog niet écht opgestaan. Lang en extra uitgebreid douchen.

Ik leg Het Boek als dwangmiddel op de trap (hij zat nog in de tas die ik drie dagen geleden meehad naar mijn jarige moeder, maar waarmee ik niets gedaan heb). De wasmachine wordt volgepropt om het gevoel te krijgen dat dit een nuttige dag wordt. Het boek ligt inmiddels in de huiskamer, maar er moet omslachtig ontbeten worden.

Feedreader doorwerken. Mail. Mail beantwoorden. Het boek ligt dreigend naast mijn toetsenbord. Afwas, vuilnis wegbrengen, het nieuws, tafel schoonmaken. Flickr bijwerken. Kijken naar het boek. Geen zin.

Maar ik gá het doen, neem ik me voor. Want ik wil vanavond zonder schuldgevoel een stuk in mijn kraag kunnen drinken. Morgen wordt het ook niks. Want morgen, ja morgen is het natuurlijk zondag. Rustdag.

Gryts§

My mom is a masterpiece

Dit meesterwerk maakte ik vandaag ter ere van de vijftigste verjaardag van mijn moeder:


Vanavond ga ik het aan haar overhandigen. En persoonlijk vind ik deze een stuk leuker dan Warhols suffe Monroes!

Update: mijn moeder lachte ongemakkelijk en moest even aan Warhol worden herinnerd. Het aanwezige bezoek kon er echter oneindig de humor van inzien. Ik ben benieuwd waar het werk nu is.

Lotte§

Wat DOE ik hier?!

Kent u dat? Dat gevoel dat je op de verkeerde plek bent? Dat u ergens niet hoort te zijn? Dat gevoel had ik vanavond.

De discotheek. Zo'n donker hol met wat strategisch geplaatste laserlampen, een bar, een dansvloer en wat krukken. U kent het wel, en u bent vast ook wel eens in een discotheek geweest. Misschien bent u ten tijde dat ik dit stukje typte wel in een discotheek, dat zou zomaar eens kunnen. Maar goed, ik was dus in een discotheek, en niet zo maar een discotheek! Nee! In een Duitse! Jawel, als je het fout doet, dan doe je het ook meteen goed. Samen met vriendinnetje F. en nog wat mensen reden we rond 12 uur de parkeerplaats van een discotheek, laat ik hem de Stervis noemen. Een groot ding, ergens op een industrieterrein.

Waarom doe ik mezelf die dingen aan? Normaal bij rampscenario's is alcohol mijn allerliefste vriendinnetje, want dan maakt het niet meer uit waar je bent, en welke lelijke mensen om je heen staan te kontendraaien. Maar het was de Wet van Murphy die mij gistermorgen een blaasontsteking en een antibiotica kuur cadeau deed, dus die gin-tonic ging niet door. Compleet nuchter kon ik vanaf een afstandje iedereen bekijken. Iedereen leek op elkaar, iedereen deed hetzelfde dansje en iedereen dronk bier uit enorme toeters van ŽŽn meter lang. Mijn vrienden hadden de tijd van hun leven. Ik zette mijn beste neppe glimlach op en heupwiegde een beetje mee op een lelijke Alice Cooper coverplaat. De DJ lulde ondertussen elk plaatje aan elkaar en moedigde de menigte aan een duf HŽ en H— mee te brullen. Iedereen deed braaf mee. Ik ging zitten. Ik ging naar de wc. Ik ging een pizzapunt halen. Ik ging zitten. Ik ging het plafond bestuderen, en mijn nagels, en de mensheid. Ik ging alvast op weg naar de psychiatrische inrichting. Stuur me maar een beterschapskaartje.

Om half 3, klaar voor de dwangbuis en de valium, opperden een paar mensen om naar huis te gaan. Met mijn jas al aan holde ik naar buiten. Vrijheid! Beschaving! Frisse lucht!

Ik plof in bed. Ik ben hier geen type voor.

Gryts§

Schuifelen

Het was rond twee uur toen ik richting het stadscentrum liep. Van tevoren had ik mijn plan al gemaakt. Open Monumentendag met als thema religieuze gebouwen, dus ik zou vandaag eens flink naar de kerk. Goed voor mijn algemene ontwikkeling en wie weet mijn studie. En god ja, lekker burgerlijk.

De Leeuwarder momumentenbekijker begon in de Jacobijner Kerk. Een mix tussen zestiende-eeuwse architectuur en hypermoderne snufjes. De oude kloostergang was nog aanwezig en er hingen zelfs nog enkele rouwborden van de Friese Nassau's. Overal schuifelden vijftig-plussers. Net als hen kocht ik braaf een boekje en las keurig de informatie.

Ik sloot achterin de rij bij het oude vrouwenklooster en schuifelde daar doorheen. De Waalse Kerk zat ernaast. De joodse Synagoge was verbouwd tot een dansschool en dus een kerk geworden met confronterende spiegelwanden. De doopsgezinde kerk was saai en de Vrijmetselaarsloge was bijzonder. Het leek wel wicca, de ruimtes met zwaarden, kaarsen en symbolen. Jammer dat op al mijn foto's er ergens een oud vrouwtje door mijn beeld schuifelt.

Thuis op de bank las ik het boekje uit, met een kop koffie op de bank. Ik denk dat ik vannacht maar eens aandachtig de NOA ga bekijken, ook een oud gebouw met een interessante binnenkant. En in discotheken wordt ten slotte ook geschuifeld.

Lotte§

Priceless

Ik ben geen vrouw, ik ben een kluns. Altijd al geweest. Misschien is het genetisch, maar waarschijnlijk is het gewoon domme pech. Ik doe het heus niet expres, voor de lol of voor de aandacht. Ik kan er niks aan doen.

Want ik vergeet altijd alles, ik kom te laat, mijn kipkrokant schnitzels zijn altijd aan één kant zwart,  ik heb altijd net-niet-auto-ongelukken (nou ja, soms), ik glijd uit over die ene gladde tegel, ik loop mezelf altijd bijna onder een fiets, ik zwik mijn enkel om bij dat trapje, ik struikel over dat stoepje, ik grijp de klink mis en knal daarom tegen de deur op en mijn buik gaat altijd borrelen tijdens héle stille examens en gesprekken met Belangrijke Mensen.

Als ik beroemd zou zijn zou ik mezelf wekelijks heel onflatteus in de bladen terugvinden. Ik zou absoluut niet in steden zoals Los Angeles passen. Iedereen is blond, zonnebankbruin, strak in de botox en barbiepoppig zelfbewust. Ik niet. Ik zou mijn beste imitatie van Monthy Phytons Ministery of Silly Walk doen op Sunset Boulevard en dansen als Boney M in de hippe clubs.

Maar aangezien ik niet daar ben, maar hier, en ik toch wel houd van wat leedvermaak, presenteer ik u:
Tara Reid en de bijwerkingen van cocaïne en cocktails.

Ondertussen oefen ik maar braaf door op mijn rare loopjes...

Gryts§

De mens lijdt het meest...

Beslist duw ik de deur open van het gebouw waar ik mijn eerste college zal hebben. Een nieuwe studie, Kunsten Cultuur en Media, een nieuwe school: de Rijksuniversiteit en ook nog in Groningen, een stad die vijftig minuten treinen verderop ligt. Mijn eerste les vindt plaats in een gebouw waar ik al eerder geweest ben dus wat heb ik te vrezen?

Zes paar ogen nemen me kort op. Ik kijk terug, hopend op een bevestigende blik. HBO-doorstromers? Men kletst vrolijk verder met elkaar, stuk voor stuk intelligent ogende vrouwen die zich allemaal perfect op hun gemak voelen. Ik luister af en concludeer dat dit de zaal zal zijn waar Beeldende Kunst II wordt gegeven.

Ik schuif aan bij een meisje dat Industriële Vormgeving heeft gedaan en een meisje dat een paar jaar geleden afgestudeerd is als Master geschiedenis. Pogingen tot contact lopen op een paar koetjes en kalfjes uit. De zaal zit flink vol: er zijn een stuk of tachtig zelfverzekerde jonge vrouwen aanwezig. Behalve ik. Ik kijk onwennig rond en neem de zaal op. Helemaal geen oude glorie zoals de buitenkant van het gebouw, maar troep uit de jaren '70.

Na drie uur college over het Neoclassicisme trek ik lusteloos de deur open. De zon valt op me als een hete deken. De verschillen tussen HBO en WO zijn groter dan ik dacht en in plaats van leren zal ik nu moeten onthouden. Ik denk na over de komende tijd. En zoals altijd op die eerste dagen vrees ik het ergste.